Circus in mijn hoofd

My not so best kept secret anymore

Daar stonden we dan, mijn schoonzus dubbel zo zenuwachtig als voor de mondelinge examens die ze eerder die dag moest afnemen, de minister van hysterie alweer een kleine zenuwinzinking nabij, en ikzelf, ongeduldig op en neer wippend en hard aan het proberen te doen alsof ik daar alleen stond. Wat moeilijk was. Voor ons, achter ons, naast ons en als het mogelijk geweest was, sowieso ook boven en onder ons, stonden duizenden, wat zeg ik, tienduizenden anderen te wachten op wat komen zou.

Wie mij goed kent, weet dat ik niet van mensenmassa’s hou. Een gewoon uitje naar de zaterdagmarkt in mijn stad wordt voor mij al snel een nachtmerrie (dat geschuifel, die mensen, dat gedrom, die mensen, dat voorsteken aan de kramen, die mensen …). De dagelijkse rit in de metro naar het werk is elke keer weer een confrontatie met mijn vreemde fobie dat er een medepassagier op mij gaat overgeven. Niet persoonlijk bedoeld, gewoon een kwestie van het foute moment en de foute plek. En op een festival komt van dat alles samen. Al die lijven die zomaar mijn “personal space” enteren, ik word daar een beetje nerveus van. De geur van zweet en van mij onbekende – en laat ons dat zo houden – lichamen die ongevraagd en ongewild mijn neusgaten binnendringt, het maakt mijn licht misantrope neigingen er niet beter op. En vooral het besef dat al die andere sujetten gekomen zijn voor hetzelfde als ik, en dat ik dus gewoon ook een van hen ben, tja, dat is ronduit confronterend.

Maar hey, ik liet het niet aan mijn hart komen. Binnen enkele ogenblikken zou een van mijn favoriete bands aller tijden optreden.

Wie mij goed kent én al met mij naar concerten is geweest, weet dat ik niet van een zogenaamd groepsgevoel hou. Klappen als iedereen klapt, meezingen als de zanger het vraagt, meezingen tout court …. nee, ik beslis allemaal zelf wel wat ik wanneer doe. Maar nog geen tien seconden nadat de band het eerste nummer had ingezet, was ik duidelijk niet langer mezelf en deed ik alles mee zoals iedereen.

Van minuut één tot en met minuut eenennegentig (zolang duurde het) was het leven perfect. En ja, dat kwam ook door de perfecte frontman, ook al had hij vettig haar, een ietwat groot uitgevallen neus, een pocherig seventies-kostuum en sowieso geen aandacht voor mij.

Het spijt me Rolexico-lief, maar een man die zinnen als “I wanna be your vacuum cleaner breathing in your dust” uit zijn mouw schudt, is misschien wel de volbloed romanticus waar een toegewijde journalistenvrouw soms stiekem van droomt. Niets mis met je politieke analyses, daar niet van. Maar je begrijpt wat ik bedoel, toch? Toch? Bovendien, een man die de titel “Whatever people say I am, that’s what I’m not” bedenkt, is sowieso een man naar Lady Bulinski’s hart, dat spreekt voor zich. Het blijft uiteraard puur platonisch, geen paniek.

In tegenstelling tot de mannen/vrienden van mijn twee kompanen, die ofwel jaloers zijn ofwel er niets beters op vinden dan de frontman voor janet uit te schelden, maalt Rolexico er niet om. Hij houdt zich tenslotte bezig met de feiten, de realiteit. En die is dat ik Alex Turner wellicht nooit zal ontmoeten. Zegt hij. (Maar zoiets weet je nooit).

Ach ja, dromen mag. De volgende dag liep ik wat verloren rond. Tot we naar buiten trokken en ontdekten dat ons oudste performertje ineens kan fietsen. Zonder wieltjes! De volle eenennegentig seconden was het leven helemaal perfect. Toen begon het fietsje wat van links naar rechts te slingeren. Evenwicht houden werd plots weer iets waar je veel te hard over moest nadenken om het uiteindelijk toch te verliezen. Een val was onvermijdelijk.

Even daarvoor had het 3,5-jarig baasje mij nog toevertrouwd dat hij coureur was. “Tuurlijk, jongetje.” Dromen mag. Dromen moet.

I’ve been feeling foolish. You should try it.

4 reacties op “My not so best kept secret anymore

  1. Jouw Alex Turner is mijn Björk/Patti Smith/Billie Holliday/PJ Harvey en daar kan de rest van de wereld … aan schuren. Bedankt voor weer eens een mooie echte tekst.

    Like

  2. Mooi verslag van die perfecte 91 minuten!
    Over wat moet ik nog schrijven nu? Die processierups misschien…
    Als obsessieve fan moet ik toch even vermelden dat die zin van de ‘vacuum cleaner’ niet van Turners eigen hand komt, maar van een zekere John Cooper Clarke. Maar niemand zingt het zo mooi natuurlijk.

    Like

    • Lady Bulinski

      Juist, van dat citaat. Ik had eigenlijk eerst een andere zin, uit ‘Cornerstone’, maar toen kwam dat artikel in DM. En aangezien ik dit tussen de soep en de patatten heb moeten schrijven, geen research gedaan.

      Like

    • Lady Bulinski

      Ok, jij bent een obsessievere fan 😀

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: